Orde van dienst voor zondag 3 maart 2024, 3e zondag 40dagen Oculi, Marktpleinkerk Winschoten 9.30 uur

Liturgische kleur: paars

U kunt deze viering rechtstreeks (en later) bekijken via deze link of beluisteren via www.kerkomroep.nl

De overdenking is ook te vinden op www.bertaltena.com

Voorganger Ds. Bert Altena
Lector Hilda van der Woude
Ouderling van dienst Tineke Wisman
Diaconale taakdrager Cor Vos
Organist Jan Muller
Beeld & geluid Sander Tiggelaar
Koster Henk Zwik

Orgelspel

Woord van Welkom

V O O R B E R E I D I N G

Aansteken van de tafelkaarsen    moment van stilte

Votum

In de Naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. Amen.

 (Allen gaan staan)

Groet en Bemoediging

V: Genade zij u en vrede van God onze Vader en van Jezus Christus, de Heer
A: AMEN.
V: Onze hulp is in de Naam van de HEER,
A: DIE HEMEL EN AARDE GEMAAKT HEEFT

Gebed van toenadering
V: Barmhartige God,
Gij die omziet naar uw volk
en zoekt wat verloren is geraakt
wij komen tot U
A. ZIE ONS AAN ZOALS WIJ ZIJN
VOL VAN ONS ZELF
MET DE LAST VAN HET VERLEDEN OP ONZE SCHOUDERS
V: Vergeef ons, Heer,
maak ons tot uw mensen
vol van genade
A: OPEN ONS NAAR U
EN NAAR ELKAAR, AMEN

Openingslied Psalm 25: 7, 8 en 9

7 Gods verborgen omgang vinden
zielen waar zijn vrees in woont;
’t heilgeheim wordt aan zijn vrienden
naar zijn vreeverbond getoond.
De ogen houdt mijn stil gemoed
opwaarts, om op God te letten;
hij die touw is zal mijn voet
voeren uit der bozen netten.

8 Zie op mij in gunst van boven,
wees mij toch genadig, Heer!
Eenzaam ben ik en verschoven,
ja, de ellende drukt mij neer.
‘k Roep u aan in angst en smart,
duizend zorgen, duizend doden
kwellen mijn bekommerd hart:
voer mij uit mijn angst en noden.

9 Sla op mijn ellende de ogen
zie mijn moeite mijn verdriet,
neem mijn zonden uit meedogen
gunstig weg, gedenk die niet.
Red mij en bewaar mijn ziel,
wil mijn God, mij niet beschamen,
want ik schuil bij U, ik kniel
met uw ganse volk tezamen.

Kyriegebed, met gezongen acclamatie

 

Psalm 25: 10

10 Mogen mij toch steeds behoeden
vroomheid en waarachtigheid.
Hoopvol is het mij te moede,
U verwacht ik t allen tijd.
Here God van Israël,
red uw volk in tegenspoeden
toon uw goddelijk bestel,
dat uw hand ons toch behoede.

Inleiding op de viering / gesprek met de kinderen / projectlied

D I E N S T    V A N    H E T    W O O R D

Groet

V: De Heer zal bij u zijn
A: DE HEER ZAL U BEWAREN

Gebed

Eerste lezing: Jeremia 26: 1 – 19

Lied 537: 1 t/m 3

Zo spreekt de Heer die ons geschapen heeft:
‘Wat durft dat volk Mij nog te vragen.
Dat volk dat vast, maar toch in tweedracht leeft,
Wat durft dat volk Mij nog te vragen.
Die in zak en as gezeten,
twistend mijn gebod vergeten?
Denkt gij dat ik om dat vasten geef,
mijn volk, wat durft gij Mij te vragen!’

Zo spreekt de God die alles weet en ziet:
Ik durf uw vasten niet vertrouwen.
Als gij de zwervers niet uw woning biedt
durf Ik uw vasten niet vertrouwen.
Schenk uw brood aan de geboeiden
schenk uw troost aan de vermoeiden.
Anders hoor Ik naar uw smeken niet,
en durf uw vasten niet vertrouwen.

En Jezus sprak: bemin uw vijand ook;
Heer God, wij staan voor U verlegen.
Vergeef het kwaad, zo doet mijn Vader ook;
Heer God, wij staan voor U verlegen.
Want gij zijt ook zelf geschonden
door een menigte van zonden,
en mijn Vader, Hij vergeeft U ook.
Heer God, wij staan voor U verlegen.

Tweede lezing: Johannes 2:13 – 22

Lied 187

Runderen, schapen en duiven te koop!
Honderden feestvierders lopen te hoop.
Kopers en verkopers, aanbod en vraag:
er is veel te doen in de tempel vandaag.

Loven en bieden, het hoort er toch bij.
Wissel je geld en de winst is voor mij.
Prijzen en koersen, geschreeuw en gekijf:
er gaat heel wat om in het tempelbedrijf.

Jezus verschijnt en Hij ziet alles aan:
afzet en omzet, geldzuchtig bestaan.
Woedend drijft Hij met een gesel van touw
die afgoderij uit het tempelgebouw.

Dit is het huis van mijn Vader, zegt Hij.
Heilig het daarom en houd het dus vrij
van de verslaving aan goud en genot.
Geen diensthuis is dit, maar de tempel van God!

Overdenking

Orgelspel

 Lied 1000

Wij zagen hoe het spoor van God
sporen van mensen kruiste.
Wij zagen licht, een vuur laait op,
feest voor armen in het duister.

Wij zagen mensen teer en fier,
bloeien in steenwoestijnen.
Wij zagen hoe de schepping nieuw
gloort in vrede zonder einde.

Refrein:
Komt Hij terug op onze weg,
keert Hij verharde harten?
Wanneer komt Hij met licht en lef,
zaaigoed in onze handen?

Wij zagen lammen op het feest,
dansend en opgetogen.
Wij zagen hoe de hoop weer leeft
in de uitgedoofde ogen.

Wij zagen rijken diep ontdaan,
konden zichzelf niet geven.
Wij zagen armen binnengaan
in een huis vol licht en leven.

Refrein

Wij zagen God verloren staan,
zullen zijn kinderen komen?
Wij zagen Gods hart opengaan:
levend water, rijke stromen.

Refrein

D I E N S T    V A N   G A V E N   E N    G E B E D E N

Dankgebed, voorbeden, stil gebed en Onze Vader

Mededelingen

Slotlied 542

God roept de mens op weg te gaan, zijn leven is een reis:
“Verlaat wat gij bezit en ga naar ’t land dat Ik u wijs.”

Het volk van God was veertig jaar – een mensenleven lang –
op weg naar het beloofde land, het land van Kanaän.

Heer, geef ons moed en doe ons gaan uw weg door de woestijn
en laat uw Zoon een laaiend vuur, een nieuwe Mozes zijn.

Eer aan de Vader en de Zoon en aan de heilige Geest,
God, die al voor de eerste mens belofte zijt geweest.

Wegzending en zegen

Collecte onder orgelspel