De zaligsprekingen uit de Bergrede (Matt. 5: 1-12), deel 2

In het Kerkjournaal van november vroeg ik aandacht voor de Bergrede omdat de woorden van Jezus ons op Eeuwigheidszondag kunnen bijstaan bij het gedenken van wie ons het afgelopen kerkelijk jaar ontvielen. Maar niet alleen bij die gelegenheid. Je zou de Bergrede het beginsel van het christelijk geloven kunnen noemen en daarom verdienen de zaligsprekingen het dat we er langer en uitvoeriger bij stil staan.

 

Taal en interpretatie

Jezus zal deze woorden ooit hebben uitgesproken in het Aramees. Dat was de algemeen gangbare taal in het Midden-Oosten. Aramees is verwant aan het Hebreeuws, de oudste taal in de Bijbel, waarmee Jezus bekend was omdat profeten als Jesaja en Jeremia hun woorden in het Hebreeuws hebben opgetekend of lieten optekenen. Hebreeuws en Aramees hebben als taal een heel ander karakter dan het Grieks, waarin het Nieuwe Testament is geschreven.

Daarom zet ik in dit meditatief twee vertalingen naast elkaar om te laten zien hoe groot de verschillen kunnen zijn en omdat er in een vertaling altijd een bepaalde interpretatie meekomt. “Traddutore, traditore!”, zeggen de Italianen, ‘vertalen is verraden’. Zo kras hoeft het niet altijd te zijn, maar het geeft te denken en nodigt uit om de betekenisrijkdom van ieder woord uit te diepen.

De tweede zaligspreking is allerminst vanzelfsprekend:

Zalig die treuren, want zij zullen vertroost worden (NBG)

Gelukkig de treurenden, want zij zullen getroost worden (NBV)

Op het eerste gezicht is er niets gelukkigs aan treurigheid. Het geeft zelfs een vertekend beeld van wat voor Jezus belangrijk is als het om zijn medemensen gaat. Het helpt om hier om naar de zaligsprekingen in de versie van Lucas te kijken. Daar gaat het om wie nu moeten huilen. Ooit zullen ze weer kunnen lachen.

 

Kwetsbaarheid

Soms wordt huilen gezien als zwakheid. Flink zijn zeggen we dan en we waarderen het als iemand zijn of haar tranen kan bedwingen. Maar waarom? Wie moet huilen toont een oprechte emotie, die laat zien wat een mens echt raakt. Ik laat zelf niet graag mijn tranen zien in het openbaar, maar soms is het niet anders. Hoe erg is het om kwetsbaar te zijn?

Moeten we ons schamen voor wat ons diep beweegt? Jezus ziet een wereld voor zich waarin mensen om welke reden dan ook vervreemden van zichzelf en van anderen. Dat gebeurt omdat het blijkbaar wordt verwacht dat mensen zich groot houden en proberen zich anders voor te doen dan ze in werkelijkheid zijn. Je zou deze zaligspreking kunnen vertalen als: Gelukkig ben je als je nog echte emoties kunt tonen en niet meedoet aan het spel van schijn en wezen waar niemand gelukkig van wordt.

 

Paradijselijk

Van Adam en Eva wordt verteld dat ze naakt waren en zich niet vooral elkaar schaamden. Dat, zegt de Bijbel, is een paradijselijke situatie. Mensen die zich bloot durven geven, kwetsbaar durven zijn en dan merken dat anderen daar met aandacht, zorg en liefde mee omgaan. Niemand wint er iets bij als we onze diepste gevoelens en drijfveren voor elkaar verbergen. Zo kan zelfs treurigheid iets positiefs betekenen. Het doet een appèl op anderen om iemand die verdriet heeft bij te staan. Mijn eigen ervaring is dat tijdens de voorbereiding van een uitvaart het contact met de familie iets is waar ik door gesterkt word. Ik vind het bijzonder dat mij van alles wordt toevertrouwd, dat er gehuild en gelachen wordt en dat iedereen dit pure waardeert. De aanleiding is verdrietig, maar het samenzijn verrijkt.

 

Oprechtheid

Daarmee kom ik bij de corresponderende zaligspreking, die een nadere uitwerking geeft van waar het hier om te doen is:

Zalig de reinen van hart, want zij zullen God zien (NBG)

 Gelukkig wie zuiver van hart zijn, want zij zullen God zien (NBV)   

Nu is het niet meer zo moeilijk om deze woorden te duiden. Rein of zuiver van hart zijn heeft alles te maken met de oprechtheid in het tonen van emoties. Het gaat er niet om dat gelovigen zich moeten oefenen om afstand te nemen van wereldse zaken. Zo is het vaak gezien. Afzien van allerlei genoegens en het liefst ascetisch leven. Jezus maakt duidelijk dat de eer van God en het geluk van mensen niet haaks op elkaar staan. Als Huub Oosterhuis dicht ‘zien soms even’ duidt hij op de kostbare momenten van geluk waarbij een mens iets van God ervaart. Dat kan de geboorte van een kind zijn, of wanneer twee mensen elkaar vinden en van elkaar leren houden. Overal, zelfs in de allergewoonste dingen kan God zich tonen en mensen iets schenken wat zich alleen laat ontvangen. De hier genoemde zuiverheid wijst op wat echt is en zonder bijbedoelingen. Onbaatzuchtig en puur.

 

Als een kind

Daarom stelt Jezus een kind in het midden als zijn volgelingen ruzie maken over wie het belangrijkst is en de hoogste positie zal innemen. Alleen wie wordt als een kind kan het koninkrijk van God binnengaan. Aan die gedachte worden we straks herinnerd als we het feest van de geboorte van Christus gaan vieren. Hoe mooi zou het zijn als we dit feest kunnen beleven en beamen als een geschenk van God aan ieder mens. Een geschenk dat ons bijbrengt wie wij werkelijk zijn als we alle uiterlijkheden wegdenken.

Dat gaat niet van zelf. De periode die voorafgaat aan dit feest helpt bij het voorbereiden en maakt het mogelijk opnieuw te ontdekken wat het allermooiste en allerbelangrijkste is in ons leven.

Ik wens u en jullie allemaal een goed Adventstijd en straks gezegende Kerstdagen!

Hartelijke groeten,

Ds. Bert L. van der Woude

ds. Bert van der Woude

Sinds april 2000 werk ik als predikant binnen wat nu de Protestantse Gemeente Winschoten (PGW) heet. De eerste zeven jaar nog in combinatie met de gereformeerde kerk van Westerlee en nu ruim tien jaar volledig in Winschoten.