Van contract naar contact*

Over het boek Job, deel 2

Rabbijn Harold Kushner schreef een bestseller over het boek Job met als titel ‘Als het kwaad goede mensen treft’. In dit boek rekent hij af met het vergeldingsdogma, zoals ik dat in het vorige Kerkjournaal heb beschreven. Goede mensen (zoals Job) krijgen te maken met ziekte en ongeluk in hun leven, terwijl het kwade mensen voor de wind lijkt te gaan. Of zoals Job het zelf verwoordt:

Waarom leven de goddelozen lang,
tot in hun ouderdom welvarend en gezond!
Zij leven en ze zien hun kinderen gedijen,
en zelfs de kinderen van hun kinderen.
In hun huis heerst vrede zonder vrees,
ze worden niet getroffen door Gods gesel. 

(Job 21: 7-9)

 Kushner rekent niet alleen af met het vergeldingsdogma, ook Gods almacht schaft hij af, wat dat ook maar moge zijn. Voor Job is dat niet zo eenvoudig.

 

Poëtische kracht

Zijn vrienden Elifaz, Bildad en Sofar proberen hem over te halen tot een schuldbekentenis. Het kan niet anders dan dat Job onrecht bedreven heeft. Er moet een oorzaak achter zijn lijden schuilgaan en het is hoogmoedig van Job om God aan te klagen.

Nu het boek Job in deze zomer op de lezenaar in de kerk komt, heb ik het als voorbereiding op mijn preken van begin tot eind gelezen. Het telt bijna vijftig bladzijden en is prachtig geschreven (en vertaald). Het kost enige moeite er in te komen en thuis te raken in de redeneertrant, maar na een tijdje lukt dat en begint de taal te spreken en de poëtische kracht indruk te maken.

 

Geloofsworsteling

De structuur van het boek is heel overzichtelijk. Na de raamvertelling, waarin God met de Satan een weddenschap afsluit met Jobs vroomheid als inzet volgt er een aantal betogen, waarbij Job en zijn vrienden elkaar afwisselen. Job is de eerste die na een lang zwijgen het woord neemt. Hij beklaagt zijn lot en vervloekt zelfs zijn geboortedag. Niet alleen het leed zelf pijnigt hem, maar vooral de vraag waar God in dit alles is.

Het bijzondere van dit Bijbelboek is niet alleen de thematiek, maar ook de manier waarop deze thematiek wordt verwoord en de tijd die ervoor wordt genomen. Wie de betogen leest en meebeleeft krijgt pas op den duur het besef van de geloofsworsteling die hier plaats vindt.

Drie momenten wil ik in dit meditatief aanstippen om zicht te krijgen op de betekenis van het boek Job. Verder kan ik alleen maar aanraden het zelf te lezen en wie weet komen we er nog eens samen op terug (in een preek, lezing of gespreksgroep).

 

Van beneden naar boven

Het eerste moment is de reactie van Jobs vrouw. Zij verliest al snel haar geduld (2: 9):

Waarom blijf je zo onberispelijk? Vervloek God toch en sterf!

Job wijst haar advies af als onwijze vrouwenpraat, maar toch heeft haar opmerking hem doen twijfelen. In zijn geloof is hij niet meer zo zelfverzekerd als eerder. De richting is veranderd. Hij kijkt niet met God van boven naar beneden, zoals mensen doen die denken inzicht in Gods wil te hebben. Job kijkt nu van beneden naar boven. Hij voelt wat in hem leeft en doorzoekt nu eerlijk zijn geweten en laat dat spreken. Dat blijkt onmiddellijk uit zijn eerste klacht. Hier spreekt een aangevochten mens en dat maakt Job (ook als gelovige) sympathiek.

 

Geloven zonder te begrijpen

Het tweede moment is Job 19: 25. Nadat zijn vrienden Job er flink van langs hebben gegeven en hij blijft volhouden dat hij rechtvaardig heeft geleefd horen we hem uitroepen:

Ik weet: mijn redder leeft, en hij zal ten slotte hier op aarde ingrijpen.

Händel heeft deze woorden op muziek gezet in zijn Messiah (‘I know that my redeemer liveth’) en er een universeel karakter aan gegeven. Niemand kan deze aria beluisteren zonder geraakt te worden.

Job voelt zich door zijn vrienden niet serieus genomen. Ze zijn uiteindelijk zijn tegenstanders geworden met hun starre opvattingen die geen recht doen aan zijn lijden. Hoe hij daar zelf mee om moet gaan weet hij ook niet. Hoe moet hij Gods rechtvaardigheid rijmen met wat hem overkomen is? Maar Job laat God niet los. Hij wil geloven zonder te begrijpen en zonder de spanning op te lossen, die Kushner in zijn boek wel loslaat.

Job geeft zich over aan God in het vertrouwen dat God anders is dan wat mensen menen te begrijpen inclusief hij zelf. Hij roept zelfs God als getuige tegenover God. God is voor hem de Levende die hem verlossen zal. God staat niet langer symbool voor een bepaald inzicht van hoe het leven in elkaar steekt, maar is Iemand geworden bij wie Job kan schuilen en zich geborgen voelt. Hij heeft de weg afgelegd van een contract met God (voor wat hoort wat) naar contact met God. Iemand die hem trouw is op zijn weg door het leven, wat hem ook overkomt.

 

Met eigen ogen aanschouwd

Hiermee is Jobs geestelijke groei nog niet afgelopen. Nog 22 hoofdstukken kunnen we hem volgen, maar in de beperkte ruimte van dit meditatief grijp ik vooruit op zijn laatste woorden tot God (42: 1-6):

Eerder had ik slechts over u gehoord, maar nu heb ik u met eigen ogen aanschouwd. Daarom herroep ik mijn woorden en buig ik mij.

Hoe heeft Job God gezien? Waar is overgang van contract naar contact werkelijk bij hem binnengekomen? Daarvoor moeten we terug haar hoofdstuk 38 waar God vanuit de storm spreekt en Job raakt in zijn geweten.
Deze woorden van God vanuit de storm zouden we makkelijk kunnen misverstaan als overmacht. God wil Job echter niet overdonderen, maar spreekt tot zijn hart. In zijn antwoord confronteert Hij Job met een grotere werkelijkheid dan diens privé-leven. Dat is belangrijk. Het diskwalificeert niet wat een mens meemaakt, maar relativeert op heilzame wijze. God is niet degene die van boven de dingen regelt voor mensen, maar iemand die mensen nabij is in hun gang door het leven.
De vragen van het leven zijn niet weg, maar we worden buitengewoon bemoedigd er mee om te kunnen gaan. Dat is de ‘winst’ van dit bijzondere boek.

 

*De belangrijkste inzichten in dit Meditatief heb ik opgedaan door het lezen van het artikel van Jan Holman over Job in ‘De Bijbel spiritueel’ (red. Frans Maas, Jacques Maas en Klaas Spronk).

ds. Bert van der Woude

Sinds april 2000 werk ik als predikant binnen wat nu de Protestantse Gemeente Winschoten (PGW) heet. De eerste zeven jaar nog in combinatie met de gereformeerde kerk van Westerlee en nu ruim tien jaar volledig in Winschoten.

Plaats een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *